Assistentiewoningen: op zoek naar de meerwaarde.

Eigenlijk gaat het om een uitgebreidere formule dan wat een serviceflat vandaag kan aanbieden maar, weliswaar met aangepaste architectonische vormvereisten en onder specifieke voorwaarden, de zorgcomponent wordt aangebracht. Een groep van assistentiewoningen moet gebouwd volgens het principe van ‘levensbestendig wonen’, aanpasbaar aan de veranderende leefomstandigheden.

Even een aantal vergelijkingen op een rij. Voor de assistentiewoningen is de informatie geput uit de memorie van toelichting, eventueel concreter gemaakt, van het Woonzorgdecreet:

SERVICEFLAT ASSISTENTIEWONING
Definitie : serviceflatgebouw of woningcomplex met dienstverlening: één of meer gebouwen die, onder welke benaming ook, functioneel een geheel vormen, bestaande uit individuele wooneenheden waar [ouderen] zelfstandig wonen en uit gemeenschappelijke voorzieningen voor dienstverlening waarop zij facultatief een beroep kunnen doen. Definitie : een groep van assistentiewoningen is een voorziening die bestaat uit een of meer gebouwen die functioneel een geheel vormen en waar, onder welke benaming ook, aan gebruikers van 65 jaar of ouder die er zelfstandig verblijven in individuele aangepaste wooneenheden, huisvesting wordt gegeven en ouderenzorg waarop zij facultatief een beroep kunnen doen.
Voorafgaand de huisvesting: overleggen van een maatschappelijk werker verbonden aan een openbaar bestuur of een erkende sociale voorziening, waaruit blijkt dat na met de bejaarde de verschillende mogelijkheden van hulpverlening te hebben onderzocht en besproken, de bejaarde beslist voor de opneming in de vermelde inrichting. In geval van dringende opneming moet het verslag uiterlijk acht dagen na de opneming worden overgelegd . 
 Exploitant staat in voor de organisatie van de crisiszorg (zekerheid dat er in crisissituaties hulp en zorg wordt verleend).
 Het scheppen van voorwaarden tot sociale netwerkvorming: aanwezigheid van een woonassistent die de netwerkvorming tussen de bewoners faciliteert en stimuleert en die aanspreekbaar is voor de bewoners.
Grootst mogelijke vrijheid aan de opgenomen personen bieden.   Zelfstandig beschut wonen met basispakket:
• Recreatieve ontspanning en groepsactiviteiten
• Alarmeringssysteem
• Aanwezigheid van crisiszorg
• Ruimte waar indien gewenst, maaltijden worden genuttigd.
Vrijheid van keuze van de arts verzekerd. Zorgverlener naar keuze.
De inrichting verstrekt geen bestendige gezins- en huishoudelijke zorg: deze dienstverlening wordt in het bereik gebracht van de bewoners die er naar eigen keuze, telkenmale zulks nodig is, beroep kunnen op doen. Zorg op afroep en onmiddellijke hulp in noodsituaties: ouderenzorg die, al dan niet op basis van een samenwerkingsverband, op verzoek van de gebruiker wordt aangeboden afhankelijk van de vastgestelde behoeften.

 Overbruggingszorg mogelijk tot de reguliere zorg de verantwoordelijkheid overneemt.
Voor de rolstoelpatiënten moeten aangepaste sanitaire installaties worden voorzien. Aangepaste huisvesting: gehele infrastructuur van assistentiewoningen dient rolstoeltoegankelijk te zijn.
Lift voor rolstoel met begeleiding.
Gangen breed genoeg om kruising van rolstoelen mogelijk te maken.
De inrichting moet uitgerust zijn met een degelijk oproepsysteem waardoor elke bejaarde op elk ogenblik vanuit zijn woongelegenheid een medewerker kan oproepen. Een permanent alarmeringssysteem dient beschikbaar te worden gesteld. Oproepen moeten worden beantwoord.
 Om mantelzorg 24 uur per dag mogelijk te maken moet de woning ruim genoeg zijn zodat ook ’s nachts er een partner of derde aanwezig kan zijn.
Voor de rolstoelpatiënten moeten aangepaste sanitaire installaties worden voorzien. Er dient in het gebouw ten minste één lift voor rolstoelgebruik en begeleiding te zijn,
bij elke gemeenschappelijke leefruimte dient minstens één rolstoeltoegankelijk sanitair (toiletruimte) te zijn,

Iedere woongelegenheid moet ten minste bestaan uit een leefruimte, een kookruimte, een slaapruimte, een afzonderlijke toiletruimte en badgelegenheid.  Elke flat dient te bestaan uit een leefruimte, keuken, slaapruimte en afzonderlijke sanitaire ruimte (toiletruimte en badgelegenheid). Deze sanitaire ruimte dient rolstoeltoegankelijk te zijn. De leef- en slaapruimte bestaat uit twee afzonderlijke ruimten, beide met een raam met zicht op de buitenwereld.
De nettovloeroppervlakte van de leefruimte en de slaapruimte moet in totaal ten minste 24 m2 bedragen. De nettovloeroppervlakte ligt aanzienlijk hoger.

De meerwaarde van assistentiewoningen zou worden geleverd door de samenwerking van de thuiszorgvoorzieningen, de thuiszorgondersteunende voorzieningen en de residentiële voorzieningen. Daarenboven wordt voor vernieuwende accenten in de infrastructuur, zorg en de sociale netwerkbinding gezorgd. Of dat het verschil met de bestaande serviceflats maakt, blijft de vraag.

DVDM

Lees ook

Wil je op de hoogte blijven van het laatste zorgnieuws?

Wens je up-to-date te blijven van het laatste zorgnieuws?
Schrijf je dan hier in en ontvang 2-wekelijks onze nieuwbrief.