Typ om te zoeken

Geen onderdeel van een categorie

Expertise in behandeling blaaskanker

Delen

Bron: ‘InfuUZ UZ Leuven’

 
Blaaskanker is de vierde meest voorkomende kanker bij mannen, na long-, darm- en prostaatkanker. “In UZ Leuven hebben we een eigen techniek ontwikkeld om een vervangblaas te construeren. Maar gelukkig is het lang niet altijd nodig om de blaas weg te nemen”, vertelt prof. dr. Hendrik Van Poppel, diensthoofd urologie.
 

Oppervlakkig of spierinvasief

Achter blaaskanker gaan eigenlijk twee soorten ziekten schuil, zo begint professor Van Poppel: “In zeven op de tien gevallen gaat het om een oppervlakkige vorm, met een of meer poliepen die nog niet tot in de spierlagen van de blaas zijn doorgedrongen. Daarnaast bestaat ook een spierinvasieve vorm. Doorgaans is de oppervlakkige variant minder agressief en dus gemakkelijk te behandelen. Al zijn er twee belangrijke uitzonderingen. Dat is het geval als er geen gezwel zichtbaar is, en in het slijmvlies toch kwaadaardige cellen aanwezig zijn. Anders dan je zou verwachten, blijkt die variant zich vaak agressief te ontwikkelen. De tweede uitzondering zijn poliepen waarvan de tumorcellen slecht gedifferentieerd zijn. Hoe slechter de differentiatie, hoe agressiever de cellen en hoe groter de kans op uitzaaiingen. Net zoals de spierinvasieve vorm vragen die twee oppervlakkige varianten een zwaardere behandeling; ook de vooruitzichten zijn niet zo gunstig.”
 

Tumor endoscopisch weggenomen

Niet-agressieve poliepen worden endoscopisch verwijderd. Professor Van Poppel: “Via de urinebuis gaan we tot in de blaas, waar we de poliepen met een lasertoestel vernietigen of wegsnijden met behulp van een lus waardoor elektrische stroom wordt geleid. Zo’n transurethrale resectie of kortweg TUR is een relatief lichte ingreep waar de patiënt weinig hinder van ondervindt. Afhankelijk van de situatie wordt gekozen voor gedeeltelijke of volledige verdoving.”
 
“In sommige gevallen brengen we tijdens de TUR een fluorescerende kleurstof in de blaas. Die heeft als effect dat de poliepen fluoroze oplichten als ze beschenen worden met blauw licht. Zo wordt het gemakkelijker om de poliepen te verwijderen. We voeren trouwens in UZ Leuven volop onderzoek naar nog andere, betere kleurstoffen.”
 

Liever de blaas behouden

Spierinvasieve tumoren en oppervlakkige tumoren met een agressief karakter worden het best agressief behandeld. Professor Van Poppel: “Als het enigszins kan, vermijden we om de blaas weg te nemen, want de gevolgen van zo’n blaasresectie zijn verregaand. Niet alleen moet de urine op een andere manier uit het lichaam worden verwijderd (zie laatste alinea), bij mannen leidt de ingreep meestal tot impotentie, bij vrouwen moeten we ook de voorzijde van de vagina en de inwendige geslachtsorganen mee wegnemen.”
 
Een blaasresectie is een erg complexe operatie, die voor een goed resultaat veel ervaring vereist. “Die ervaring hebben we in UZ Leuven ruimschoots: gemiddeld voeren we meer dan één ingreep per week uit, waardoor ons team een sterke routine ontwikkeld heeft”, zo vertelt professor Van Poppel.
 

Nabehandeling: standaard

Patiënten met een oppervlakkige, niet te agressieve tumor krijgen na de TUR een nabehandeling in de vorm van blaasspoelingen met chemo of immunotherapie. Prof. dr. Van Poppel: “We brengen via een katheter een kankerbestrijdend product in de blaas, waar het één tot twee uur blijft zitten. Die nabehandeling is altijd nodig omdat ongeacht het type kanker in ongeveer zeventig procent van de gevallen vroeg of laat weer poliepen opduiken. Bij de minst agressieve vormen volstaat één behandeling; bij de andere vormen krijgt de patiënt zes spoelingen verspreid over zes weken. Als na die periode nog altijd kankercellen aanwezig zijn, is het veiliger de blaas volledig te verwijderen.”
 

Bloed in urine, geen pijn

Hendrik Van Poppel

Prof. dr. Hendrik Van Poppel: “Een blaasresectie is een erg complexe operatie. In UZ Leuven voeren we gemiddeld meer dan één ingreep per week uit, waardoor ons team veel ervaring ontwikkeld heeft.”


Wie blaaskanker heeft, ontdekt meestal dat er iets mis is doordat hij bijvoorbeeld vaker moet plassen. Maar bloed in de urine is het belangrijkste alarmsignaal, zeker als je bij het plassen geen branderig of pijnlijk gevoel hebt. Professor Van Poppel: “Bij het urineren trekt je blaas samen en op dat moment begint zo’n poliep gemakkelijk te bloeden. Ook bij blaasontstekingen is bloed een belangrijk symptoom, maar dan heb je bij het plassen meestal pijn of een branderig gevoel. Dat ontbreekt doorgaans bij blaaskanker. Stopt het bloeden, dan mag je nog niet concluderen dat er niets aan de hand is. Want typisch voor blaaskanker is dat de symptomen met tussenpozen optreden.”
 

Vervangblaas of urostoma

Als het nodig blijkt de blaas weg te nemen, moet de blaasfunctie door een andere structuur worden overgenomen. Er zijn verschillende mogelijkheden, afhankelijk van de situatie. Professor Van Poppel: “Als de plasbuis niet weggenomen wordt, kunnen we een vervangblaas maken. We gebruiken daarvoor een stuk darm van de patiënt, ongeveer 60 cm. Het gaat over een eigen techniek, hier in UZ Leuven ontwikkeld, die in vergelijking met de klassieke technieken veilig, eenvoudig en snel is. Als het niet mogelijk is om een vervangblaas te maken, kiezen we voor een urostoma. Bij een ‘nat’ stoma wordt de urine via een kort stukje darm naar een opening in de buikwand geleid, waar een zakje de urine opvangt. Er is ook een ‘continent’ stoma: de urine wordt opgevangen in een uit darm bestaand reservoir binnen in de buikholte, ter hoogte van de navel. Via een gaatje in de navel kan de patiënt zich zelf sonderen en zo de urine verwijderen.”
 

Voorbeeld van een vervangblaas

Voorbeeld van een vervangblaas


 
 
urobel logo
 

Tags:

Je houdt waarschijnlijk ook van

Laat een commentaar na

Your email address will not be published. Required fields are marked *