Filiep Bataillie

Filiep Bataillie over corona, theater en Zorgpersoonlijkheid van het Jaar worden

Zorgpersoonlijkheid van het Jaar 2022 Filiep Bataillie is hoofdarts in AZ Herentals, maar ook de man die na zijn eigen ervaring als Covid-patiënt op intensieve zorgen de monoloog Adem schreef en speelde. Gesprek over zijn rol als hoofdarts tijdens de coronacrisis, over hoe hij de emoties van zich af kon schrijven, maar ook over hoe hij denkt over kwaliteit. En over zijn award, natuurlijk. “Ik heb twee dagen op een wolk geleefd, al ben ik ondertussen wel al wat bekomen.” 

“Ik ben eigenlijk een West-Vlaming en verzeilde 32 jaar geleden in de Kempen. Ja, ze verstaan me hier ondertussen, en ik hen”, lacht Filiep Bataillie aan het begin van het interview. 

Dokter Bataillie reed op 28 april van Herentals naar Gent – voor een etentje, dacht hij toen. Wist hij veel dat zijn collega’s hem hadden voorgedragen voor de award van Zorgpersoonlijkheid van het Jaar, en dat hij op weg was naar De Bijloke in Gent voor de uitreiking. Nog veel minder kon hij toen vermoeden dat hij ’s avonds naar huis zou keren mét die award onder de arm.  

Toch is het zo: de hoofdarts van AZ Herentals is de Zorgpersoonlijkheid van het Jaar 2022. Hij kreeg de award van de jury niet alleen omwille van de grote inspanningen die hij leverde tijdens de coronacrisis, maar ook voor wat hij nadien met die ervaring heeft gedaan. Nadat hij zelf was ziek geworden tijdens de eerste golf en een tijd op de afdeling intensieve zorgen van zijn eigen ziekenhuis moest doorbrengen, bundelde hij zijn ervaringen en ideeën in een theatermonoloog en boek, Adem. Daarmee wist hij in heel Vlaanderen mensen te raken. 

Vandaag is Filiep Bataillie 2/5 orthopedisch chirurg en 3/5 hoofdarts, al geeft hij toe dat hij in de feiten 5/5 hoofdarts en 2/5 chirurg is. “Ik heb dan ook beslist dat ik volgend jaar stop met mijn orthopedie en me voltijds toeleg op mijn rol als hoofdarts.” 

Waarom trekt de functie van hoofdarts u zo aan? 

Filiep Bataillie: “Een van mijn talenten is organisatie – ik durf dat wel zeggen. Ik organiseer héél graag. Ik heb kleine dingen georganiseerd, maar ook heel grote evenementen. De kunst van het organiseren is niet om veel te doen, maar wel om veel mensen mee te krijgen achter je ideeën, achter je visie. Dat is de essentie van een goed hoofdarts: je moet ervoor zorgen dat we hier aan goede geneeskunde doen, dat de kwaliteit goed is, en dat de mensen die het doen ook tevreden zijn en het beleid dragen.” 

U was hoofdarts toen de coronapandemie uitbarstte. Hoe was het hier toen, begin 2020? 

Filiep Bataillie: “De laatste week van februari 2020 zat ik in het zuiden van Frankrijk, waar we tien dagen lang afgezonderd zaten van de wereld. Op 1 maart reed ik terug naar huis, en onderweg begon ik te bellen. Toen pas ontdekte ik wat er gaande was. Rudy (Van Ballaer, nvdr), de algemeen directeur, vroeg me op dat moment ook om de dag na mijn thuiskomst meteen naar een vergadering bij de provinciegouverneur te gaan. Daar heb ik pas echt beseft hoe ernstig het wel niet was. 

Ik heb toen mijn praktijk gestopt en ben volop in een aaneenschakelijking van vergaderen, beslissen… terechtgekomen. De vijftiende maart hebben we dan onze eerste Zoom-sessie gegeven voor de collega’s in het ziekenhuis – dat was toen nog onbekend. 

Ik herinner me ook nog dat we op een donderdag nog vóór de lockdown hier een crisisoverleg hadden en dat we moesten vaststellen dat we de Covidpatiënten niet meer konden leggen. We hadden een Covid-afdeling nodig. We hebben toen iedereen geënthousiasmeerd om een leegstaande afdeling tegen diezelfde avond beschikbaar te maken als volledige Covid-verpleegafdeling. Dat is ons gelukt, wat onwaarschijnlijk was – in mijn boek vergelijk ik het met een aflevering van Fata Morgana. Om zeven uur ‘s avonds lagen de eerste patiënten daar al, waren de eerste medewerkers er aan de slag.” 

Van ziekenhuisbed naar de planken

U bent zelf ook besmet geraakt in die eerste golf. 

Filiep Bataillie: “Toen uit een scan van mijn longen bleek dat ik positief was, ging ik naar huis, maar – zoals dat gaat – werkte ik gewoon verder. Toen ik op de duur niet meer de trap opraakte om naar mijn bureel te gaan, hebben ze me zuurstof gebracht. Zo werkte ik verder, tot mijn huisarts me zei dat hij de ambulance ging bellen… Ik ben zo op intensieve terechtgekomen, waar bleek dat mijn longen ernstig waren aangetast. Mijn zuurstofnood nam ook toe, mijn bloedwaarden waren slecht… ‘Nu mag er wel iets gaan gebeuren’, dacht ik toen. Gelukkig startte een dag later de ommekeer en kon ik vrij snel naar een gewone kamer en een week nadien weer naar huis.” 

Maar alles is achter de rug? U ondervindt geen last meer? 

Filiep Bataillie: “Ik doe geen sport meer. Het zou best kunnen dat het puur mentaal is, maar ik kan vandaag mijn ‘loopsloefen’ nog niet aantrekken, terwijl ik voordien best wel veel gelopen en gefietst heb. Maar dat is het enige, al moet ik het misschien gewoon eens doen…” 

Kijkt u door die ervaring anders naar wat u hier doet als hoofdarts? Neemt u andere beslissingen? 

Filiep Bataillie: “Ik weet niet of ik andere beslissingen neem, maar ik voel het respect van de groep wel groeien. Dat maakte het een stuk makkelijker.  

Maar die eerste golf en mijn eigen ziekte hebben me als mens wel een stuk veranderd. Ik leerde veel meer relativeren. Mijn dochter zou in juni 2020 trouwen. Dat dat niet kon doorgaan zoals gepland, zou vroeger drama betekend hebben, maar nu konden we dat veel beter plaatsen.” 

Filiep Bataillie, hoofdarts AZ Herentals

Ik kon naar huis rijden, die witte vlaggen zien, en tranen in mijn ogen krijgen

Heeft uw persoonlijke ervaring met Covid u ook professioneel veranderd? 

Filiep Bataillie: “Als hoofdarts leer je anders denken over ziekenhuishygiëne en de isolatie van mensen. We kregen ook allemaal een cursus virologie en epidemiologie.  

Maar ik heb bijvoorbeeld ook beter leren communiceren. Ik deed dat altijd al graag en veel, maar we hebben gezien dat iedereen dankbaar was – ook al zaten ze thuis – dat ze op de hoogte bleven van wat er hier gebeurde. Dat is iets dat we nu nog verder doen, omdat we weten dat het belangrijk is.”

Een van de spin-offs van de coronacrisis is de theatermonoloog en het boek Adem. Hebt u zo de ervaring van zich afgeschreven?

Filiep Bataillie: “Toen ik in juni 2020 op televisie een actrice hoorde vertellen dat ze iets had meegemaakt en dat van zich had afgeschreven in een monoloog, dacht ik ‘dat doe ik ook’. Ik belde een vriend regisseur en zei hem dat ik dat misschien wilde doen. Drie weken later stuurde hij me al een volledig repetitieschema, terwijl ik nog geen tekst had. Ik moest het meeste nog schrijven.

Eenmaal ik de tekst geschreven had, had ik het wat voor mezelf verwerkt. In het begin was het een verwerkingsproces. Herinner u die eerste golf: toen was het erop of eronder met Covid. Als je vandaag positief test, blijf je een week thuis en in 99 procent van de gevallen is het niet meer dan dat. Maar als je toen op intensieve belandde, wist je dat de kans bestond dat het gedaan zou zijn. Daar heb ik het erg moeilijk mee gehad toen ik zelf in het ziekenhuis lag.  

In die eerste golf was ik ook enorm emotioneel: ik kon naar huis rijden, die witte vlaggen zien, en tranen in mijn ogen krijgen. Dat kwam ook omdat het hier zo hard ging. Er was geen seconde om na te denken of eens een kop koffie te drinken met elkaar. 

Eenmaal ik de monoloog had opgeschreven, viel dat van mij af. Ik had het eigenlijk niet meer nodig om het op te voeren, maar er waren verschillende mensen die het gelezen hadden en me zeiden dat dat ik dat wel moest doen. Meer nog: dat ík het zelf moest doen, omdat het veel authentieker zou zijn.” 

Nu bent u ineens Zorgpersoonlijkheid van het Jaar. U wist van niets hé… Al een beetje bekomen? 

Filiep Bataillie: “Ik heb zowat van de hele wereld berichten gekregen. Ik heb twee dagen op een wolk geleefd, omdat de berichten bleven komen, al ben ik ondertussen wel al wat bekomen. 

Heel veel mensen hadden deze award kunnen krijgen voor wat ze gedaan hadden, zeker in de Covidperiode. Het is alleen een enorme erkenning dat de mensen hier me voorgedragen hebben. Ik was misschien nog meer geëmotioneerd van het filmpje dat ze achter mijn rug in het ziekenhuis hadden gemaakt. Je ziet al die mensen die je kent, waarmee je samenwerkt… dat doet de meeste deugd, misschien nog meer dan van het winnen zelf.” 

LEES OOK OP ZORGMAGAZINE:

Lees ook

Wil je op de hoogte blijven van het laatste zorgnieuws?

Wens je up-to-date te blijven van het laatste zorgnieuws?
Schrijf je dan hier in en ontvang 2-wekelijks onze nieuwbrief.