Typ om te zoeken

Finance In the spotlight

Na de klap de kater? Of grijpen we de kansen?

Delen

Niemand windt er doekjes om: de coronacrisis heeft een enorme financiële impact op de sector. Veel ziekenhuizen zaten zelfs voor Covid-19 al slecht in de papieren, de kosten voor ouderenzorg rijzen almaar en maatschappelijk blijft het kosten-batenplaatje van de zorg een harde dobber. Corona vergroot die pijnpunten, brengt nieuwe bedreigingen met zich mee, maar schept ook kansen. Hierover gingen we met enkele mensen in gesprek. 

“Wat we de afgelopen maanden ervaren hebben, is een gamechanger”, bevestigt Margot Cloet, gedelegeerd bestuurder van Zorgnet-Icuro. “Het heeft ook aangetoond dat gezondheidszorg niet kán losstaan van economie. Men benadert zorg al jaren als een kost, terwijl het ook iets is dat maatschappelijk rendeert. Het is een investering. Bovendien kan je geen economie in stand houden zonder een goed zorgsysteem. Verder is de zorgsector op zich een belangrijke economische sector, en zeker niet louter puur gesubsidieerde structuren. Ook wij zijn ondernemers.” 

Impact is meetbaar 

“De impact van Covid-19 op de uitgaven van de ziekteverzekering kunnen we nu meten”, vervolgt Xavier Brenez, de algemeen directeur van de Landsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen. “Het laatste Riziv-rapport brengt de verschillen tussen 2020 en 2019 in kaart. Wat meteen opvalt, is het contrast tussen de sectoren en het grote verschil tussen dringende en niet-dringende zorgen. Sommige sectoren werden zwaar getroffen (tandartsen, kinesisten, opticiens…), andere vrijwel niet (zoals de vroedvrouwen). Terwijl lijn tegenover de minderuitgaven aanzienlijke meeruitgaven staan, met name de extra budgetten om Covid-kosten te dekken en de twee miljard aan voorschotten.” 

Christian Fillet (algemeen directeur Welzijnsvereniging Mintus, OCMW Brugge): “Ook binnen de sectoren waren er grote verschillen. Bij de woonzorgcentra van Mintus ondervonden we qua bezetting weinig gevolgen. Eerst was er de compensatie voor leegstaande plaatsen en sinds 24 juni zitten we weer op honderd procent bezetting. In andere regio’s is dat niet het geval. Het plaatje voor de dienst huishoudhulp ziet er heel anders uit. Van de ruim 200 mensen in dienst konden we slechts tien procent tewerkgesteld houden. Bij de dienstencentra zien we hetzelfde verhaal. Uiteraard hebben we medewerkers geherlocaliseerd om gaten op te vullen, bijvoorbeeld in de buurtwerking en de woonzorgcentra, maar dat gaat niet altijd. De lokale dienstencentra bijvoorbeeld hebben ook erg geleden. Alle activiteiten stopten; plots waren er geen inkomsten meer.” 

Christian Fillet, Welzijnsvereniging Mintus en OCMW Brugge 

Johan Albrecht (auteur, gezondheidseconoom en professor aan de UGent): “Best interessant zijn de cijfers die het Planbureau recent naar buiten bracht. Vorig jaar nog berekende het bureau dat de vergrijzingskosten tussen vandaag en 2050 zullen toenemen met 5,5 procent van het BBP, waarbij de uitgaven aan gezondheidszorg toenemen met 2,5 procent van het BBP. Het gros hiervan krijgen we de komende tien jaar op ons bord. Het aandeel van de gezondheidszorg daarin komt neer op zo’n vijf miljard euro (of 1,2 procent van het BBP). Dat is uiteraard een grote uitdaging voor de sector. Al ons denken over post-corona zit in een soort vergrijzingskeurslijf opgesloten, dat kunnen en mogen we niet negeren.” 

Pijnpunten onder het vergrootglas 

Christian Fillet: “We kunnen natuurlijk ellenlange discussies voeren over hoe stiefmoederlijk woonzorgcentra de afgelopen decennia zijn behandeld. Dit is geen nieuws voor wie werkt in de sector of vertrouwd is met de werking van ouderenvoorzieningen. Het hele debat werd echter verengd tot een financieel discours en resulteerde in overregulitis. Dat de werking van woonzorgcentra het afgelopen jaar een metamorfose heeft ondergaan, is een understatement. De woonzorgcentra reageerden zeer snel: al begin maart 2020 gingen we over tot een lockdown. Het meest pijnlijke was nog hoe sommige beslissingen wel of niet werden genomen door de wirwar aan bevoegde instanties.” 

Johan Albrecht: “Al vrij snel, vanaf april-mei, zagen we dat de mensen die het hardst getroffen worden door corona mensen zijn met een hoge BMI en/of onderliggende aandoeningen zoals diabetes en hart- en vaataandoeningen (te hoge bloeddruk, een hoge cholesterol…). Dat die groep mensen vaker kampt met gezondheidsproblemen en een lagere levenskwaliteit is een gekend verhaal. Dit zijn in hoofdzaak te vermijden gezondheidsproblemen en in mijn boek ‘Investeer in een gezonde levensstijl’ toon ik aan dat een sterk preventiebeleid zeventig tot tachtig procent van deze gezondheidsproblemen zou kunnen vermijden. Dat is niet iets esoterisch: dat zijn zaken die we kunnen beheersen en die we al lang weten.” 

Johan Albrecht, UGent

Xavier Brenez: “Zo heeft het coronacrisis wel meer pijnpunten naar voren gebracht. Pijnpunten die we al kenden, maar die werden uitvergroot en aantonen hoe complex de situatie is. Neem het gebrek aan (budgetten voor) preventie, in de brede zin van het woord. Daarvoor moet je langetermijndenken en de tools hebben om alle lagen van de bevolking te bereiken. Men ziet ook de problemen met tracing en vaccinatie, de problemen in de woonzorgcentra enzovoort. Wat maakt dat we eigenlijk een veel zwaardere kost hebben gehad dan nodig om mensen te kunnen genezen, in plaats van aan preventie te doen.” 

Door en door versleten 

Xavier Brenez: “Een tweede pijnpunt is de complexiteit van de ziekenhuisfinanciering. Daarom heeft men ook het hele voorschotsysteem op poten moeten zetten. Dat heeft toch een tijdje geduurd. Omdat de financiering enorm complex is, met de verdeling tussen instellingen en artsen, tussen deelstaten en de federale overheid, met alle verschillende regelgeving en de verschillende financieringen… Op den duur ben je meer bezig met het opvolgen en naleven van regels, dan met de eigenlijke opdracht. Hieruit kunnen alleen maar concluderen dat we naar een veel eenvoudiger en transparanter systeem moeten.” 

Xavier Brenez

Margot Cloet: “Het is goed om te zien dat de nodige expertise aanwezig is in de zorg om met maatschappelijke problemen om te gaan, maar tegelijk moeten we beseffen dat heel wat financieringssystemen en -modellen niet geschikt zijn om adequaat op een crisis als deze te reageren. We hebben het uiteindelijk wel gedaan, maar wetende dat zich al lang structurele hervormingen opdringen, had het anders en beter gekund.” 

Johan Albrecht: “Onze hele structuur is erop gericht om mensen die ziek zijn te helpen. Blijkbaar zijn we niet klaar voor een andere aanpak, om te werken aan een optimale levensstijl en echte gezondheidszorg (in plaats van het beheer van chronische aandoeningen). Geef gemotiveerde mensen een persoonlijk gezondheidsbudget, dat ze kunnen besteden aan coaching en begeleiding. Op drie-vier maanden tijd boek je al gezondheidsbaten! Als je met zo’n model werkt, gaan meer mensen zich organiseren als gezondheidscoach. Nu heb je die ook, maar dan zal die sector groeien, meer efficiëntie nastreven met nieuwe technologieën, en zowel vraag als aanbod ondersteunen. Zo’n omslag kost geld en dus moet je er een verdienmodel aan koppelen.” 

Koester je HR-kapitaal 

Christian Fillet: “Sinds de gezondheidscrisis is het ‘bon ton’ om te roepen dat zorgmedewerkers meer moeten worden gewaardeerd. Wel, die waardering zou zich moeten opentrekken naar een bonus in tools en middelen, wat minstens even belangrijk is als een billijke verloning. Tijdens de crisis was het fijn om te zien hoe – ondanks alle regeltjes en de onduidelijke richtlijnen – nood toch wet breekt. Huishoudhulpen van de thuiszorg konden aan de slag in de woonzorgcentra, we hebben zelfs museumbewakers kunnen inschakelen in woonzorgcentra. En de rol van de CRA (Coördinerend Raadgevend Arts, nvdr) is eindelijk naar waarde ingeschat.” 

Margot Cloet: “We mogen niet vergeten hoe belangrijk het HR-kapitaal is in de zorg. Veel van deze medewerkers hebben een hele zware verantwoordelijkheid gedragen. De barometers die hun psychisch welbevinden meten – ZorgSamen barometer en de nationale opvolger Power2Care – laten meerdere rode knipperlichten zien. Hoe pakken we dit aan? Nu stellen we vast dat er een groot tekort aan medewerkers is. Dit is een van de grootste uitdagingen in de toekomst. We moeten er met z’n allen in investeren, zorgen voor zorgmedewerkers hun mentale gezondheid en een goede combi van werken en leven mogelijk maken.” 

Margot Cloet

Xavier Brenez: “Het derde pijnpunt dat ik wilde noemen, is inderdaad het gebrek aan goedgeschoold personeel. Plus de arbeidsvoorwaarden, zowel de financiële als de niet-financiële. We spreken vaak over investeren in innovatie en nieuwe technieken, maar de crisis heeft aangetoond dat alles begint op de vloer, aan het bed van de patiënt. Er moet veel meer aandacht naar de medico-sociale benadering van de zorg in plaats van een puur technische benadering. We moeten met een beter plan komen, dat ook voorziet in extra capaciteit in tijden van crisis.” 

Een gezonde geest 

Margot Cloet: “Verder is geestelijke gezondheidszorg een belangrijk thema. In België gaat slechts zes procent van het BBP hiernaar, terwijl de Wereldgezondheidsorganisatie aangeeft dat dit minimaal tien procent moet zijn. Geestelijke gezondheidszorg moet toegankelijker zijn en we moeten er al bij jonge kinderen op inzetten.Mentale gezondheidsproblemen ontwikkelen zich namelijk vooral op jonge leeftijd. Maar laat ons vooral ook investeren in preventie en vroegtijdige detectie. Opnieuw is hier de link naar de economie, aangezien we mits een goede aanpak onder andere langdurige arbeidsongeschiktheid kunnen vermijden.” 

Xavier Brenez: “De noden zijn er en de crisis heeft het belang ervan versterkt. Met eindelijk de verhoogde budgetten voor een betere toegang tot eerstelijnspsychologen. Sinds 1 september hebben volwassenen recht op gemiddeld acht rechtstreeks terugbetaalde sessies, voor kinderen en jongeren zijn dat er meer. Voor terugbetaling is er ook geen doorverwijzing van de huisarts meer nodig. In totaal is het federale budget voor 2021 verviervoudigd. Maar dan nog vrees ik dat dit in de toekomst niet genoeg zal zijn.” 

Christian Fillet: “Als corona ons iets heeft geleerd, is het dat het aanbod beter moet aansluiten op de vraag. Neem de activiteiten in onze woonzorgcentra. In plaats van weken op voorhand activiteiten als bingo, taart maken of memoryspelletjes in het woonzorgkrantje te publiceren, bekijken we dit nu van dag tot dag samen met de bewoners. Het project kreeg de naam ‘Hakuna Matata’ en elke medewerker gaat hiermee aan de slag. Ook de zorg kan meer mensgericht. Bestaat er iets meer intiems dan te worden gewassen? En dan elke dag door iemand anders? Zorgverlener die de bewoners echt kennen en vice versa, ook dat is bevorderlijk voor mensen hun mentaal welzijn.” 

Transitieperiode maximeren 

Xavier Brenez: “Iedereen hoopt dat de crisis een gamechanger is. Men neemt het ook vaak in de mond: ‘de wereld na de crisis’, ‘le monde après’… Wel, ik heb er mijn twijfels over. Men zegt dat met de beste bedoelingen, maar als we kijken naar vorige crisissen, in 2000 en vervolgens in 2008, dan had iedereen dezelfde bedenkingen, maar bleven de veranderingen uiteindelijk beperkt. Het meest natuurlijke is naar de vorige situatie terugkeren. Willen we echt iets veranderen, dan zal dat zeker niet automatisch gaan en grote inspanningen vragen van alle spelers, alsook visie en leiderschap.” 

Margot Cloet: “Het risico bestaat inderdaad dat we terugvallen op ‘business as usual’ en te weinig opportuniteiten aangrijpen voor hervorming. Er is natuurlijk al heel veel geld uitgegeven en er speelt meer – de milieuproblematiek, de overstromingen… Dan zegt men al snel: ‘Waar ga je al dat geld vandaan halen?’ In België denken we jammer genoeg te vaak op korte in plaats van op lange termijn. Begrotingen van een jaar helpen natuurlijk niet om een tanker van koers te doen veranderen. Ik hoop dat we dit keer meteen aan de slag gaan, en evolueren naar een zuivere financiering van de ziekenhuizen, met minder prestatiegeneeskunde, en meer ondernemerschap durven toevertrouwen aan de ziekenhuizen.” 

Johan Albrecht: “Ik denk dat we ons in de transitieperiode vooral gaan bezighouden met ouderenzorg. Daar zijn ook de meeste slachtoffers gevallen. Ons ouderenzorgmodel is zeer kwetsbaar. In feite brengt het zwakke mensen samen in een omgeving met beperkte ondersteuning. We kunnen ook kiezen voor kleinschaligere projecten of voor meer ondersteuning. Maar hoe ga je dit financieren? Een oplossing is diversifiëren. In een aantal buurlanden is het ook heel normaal om woonzorgcentra te koppelen aan een ziekenhuis. Dan heb je onmiddellijke communicatie met de medische wereld.” 

Werk aan de winkel 

Johan Albrecht: “Ook wat preventie betreft is er nog werk aan de winkel. Het huidige preventiebeleid is te passief, met mooie websites en mooie brochures. Maar, daar bereik je vooral hoogopgeleiden mee. Daarnaast heb je een hele grote groep ‘gezondheidsongeletterden’, die hun eigen gezondheidsstatus niet goed kunnen inschatten en richtlijnen met moeite of niet toepassen. Die groep wordt vandaag aan zijn lot overgelaten. Sommige mensen bereik je niet met een folder, sms of e-mail. Die moet je coachen, face-to-face, en daar moet je structuren voor oprichten. Willen we echt (financieel) voordeel halen uit preventie, dan moeten we eerst investeren.” 

Xavier Brenez: “Tijdens de crisis hebben de ziekenfondsen hard gewerkt om ervoor te zorgen dat instellingen en patiënten niet het slachtoffer werden van al die complexiteit in ons gezondheidszorgsysteem. We hebben ook het hele tracingsysteem op poten gezet, dat zijn meerwaarde en kwaliteit heeft bewezen. Verder zie je dat – ondanks het ingewikkelde stelsel – instellingen de creativiteit en resources hebben om zichzelf te heruitvinden. We moeten hen het vertrouwen gunnen en responsabiliseren voor een bepaald opdracht, zodat ze zelf richting kunnen geven aan hun werk.” 

Christian Fillet: “Medewerkers de mogelijkheid geven om achter hun bureau vandaan te komen, is ook al lang een vraag van de sector. Woonzorgcentra hebben voldoende maturiteit om beredeneerde beslissingen te nemen zonder een wijzend vingertje van de overheid. En wil men persoonsvolgende financiering introduceren, geef de directies dan de mogelijkheid om een goed beleid te ontplooien. In Nederland en Groot-Brittannië zien we hier heel mooie modellen door ontstaan, kleinschaliger en veel meer mensgericht. Er is niet mis mee als je een gepensioneerde bouwvakker in dezelfde leefgroep zet als een pianist, maar misschien zien zij dit anders. Dan is het toch fijn als je daar een antwoord op hebt?”  

Slimme besparingen 

Xavier Brenez: “Corona heeft ook mogelijke besparingen aan het licht gebracht, op het vlak van inappropriate care bijvoorbeeld. Volgens bepaalde schattingen is de overconsumptie in een gezondheidsstelsel groot, tot wel twintig tot dertig procent van de kost. Maar hoe pakken we dat aan? In het kader van een recente oefening binnen het Riziv zijn de partners gekomen met bepaalde ideeën gekomen, maar het blijf een moeilijke oefening. Een ander interessant iets is de neonatale zorg. Het aantal geboorten is niet veranderd, maar de daling in neonatale zorg is spectaculair, op een bepaald moment zelfs zeventig procent! Dat betekent dat zwangere vrouwen in betere werkomstandigheden, met een betere werk-levensbalans zich minder op deze dure zorgen moeten beroepen.” 

Johan Albrecht: “Als je mensen goed begeleidt, kan je spectaculaire verbeteringen boeken. Wie evenwichtiger eet en meer beweegt, ziet zijn bloedsuikerwaarden binnen de twee-drie maanden dalen. Dat is een haalbare periode en academisch goed onderbouwd. Het is een gemiste kans als we nu niet hard hameren op een gezonde levensstijl om je immuniteit te vrijwaren. Boris Johnson, de Britse premier, is na zijn corona-infectie op aanraden van zijn arts circa zeven kilo verloren en pleit er nu bij de Britten voor om een gezonde levensstijl aan te nemen. (In maart kondigde het VK een pakket aan van 100 miljoen pond om obesitas aan te pakken. Er wordt ook gesproken over een puntensysteem, FitMiles, om gezonde keuzes te belonen, nvdr).” 

Hefboom van verandering 

Margot Cloet: “Achter de schermen beweegt reeds een en ander. Zo heeft de minister aan de Federale raad voor Ziekenhuisvoorzienigen om adviezen gevraagd rond een aantal zorgfuncties en zal dit de basis vormen voor de dialoog met de minister. Vanaf september staat er een rits aan belangrijke punten op de agenda. Eerder werd er reeds een groeivoet afgesproken, e-gezondheid krijgt meer vorm en men probeert ook een aantal belangrijke incentives door te duwen rond samenwerkingen, bijvoorbeeld voor projecten gericht op chronische zorg. Verder hoop ik dat de flexibiliteit in zorgberoepen eindelijk zal aangepakt worden – de herziening van KB78.” 

Xavier Brenez: “Er valt meer positiefs te melden: men beseft hoe belangrijk netwerken zijn, er is de digitalisering en flexibiliteit van zorg op afstand. In crisismodus heeft men bepaalde maatregelen genomen die zeer snel hun blijvende meerwaarde tonen. Nu is het zaak dit structureel in te kaderen. Een tweede hefboom is overleg. Dat is nodig. Maar er zitten veel te veel mensen rond de tafel. Hoe men in tijden van crisis snel beslissingen kan nemen en agile kan werken, is een bron van inspiratie. Of we naar een nieuwe staatshervorming moeten, daarover heb ik mijn twijfels. Het heeft tien jaar geduurd om de zesde staathervorming te implementeren en nog is die niet achter de rug. Ik pleit voor een meer pragmatische aanpak.” 

Christian Fillet: “Een troef die stamt uit de meest hectische periode van de coronatijd is de hernieuwde liefde tussen ziekenhuizen en woonzorgcentra. Al jaren gaan stemmen op om de werking van beide beter op elkaar af te stemmen. Zowel administratief als operationeel kreeg die samenwerking plots een ferme boost. Ja, we liepen tegen obstakels aan, zoals de EPD’s (elektronische patiëntendossiers, nvdr), maar er is meer respect voor elkaar. Hopelijk is dit iets dat we kunnen vasthouden en uitbouwen. Verder leren we nu ook dat we ouderen best zo lang mogelijk in hun vertrouwde thuis laten wonen. Op dit vlak zijn er zat mogelijkheden om op een innovatieve en mensgerichte manier grenzen te verleggen.” 

Nog niet ten einde 

Margot Cloet: “Uitgestelde zorg wordt nog een grote uitdaging. Dan hebben we het niet zozeer over het aantal bedden, maar over het aantal handen. Hier gaan we toch echt over moeten nadenken, hoe we komende termijn vijf procent meer zorg moeten voorzien dan normaal. En de crisis is nog niet ten einde hé: er liggen nog steeds honderden patiënten in ziekenhuizen.” 

Xavier Brenez: “Preventie en vaccinatie blijven voorlopig de focus, om de huidige crisis en de evolutie ervan te beperken. Preventie betekent ook ongelijkheden wegwerken, om alle lagen van de bevolking te bereiken. Er is veel geïnvesteerd in terreinwerking om iedereen aan boord te krijgen. Eigenlijk zijn dat zaken die continue moeten gebeuren, niet alleen voor corona. Maar wederom moet je daar een structureel kader voor hebben.” 

Johan Albrecht: “Ik herinner me het begin van de pandemie, toen virologen zeiden dat we hier waarschijnlijk nog tien jaar mee gaan leven. Dan kan je wel massaal gaan vaccineren, om vanaf het najaar – hopelijk – weer te kunnen leven in het rijk der vrijheid. Maar je kan er tevens lessen uit trekken, zodat we ons beter wapenen tegen een volgende bedreiging. Er gaan ook stemmen op dat het komende winter weer moeilijker gaat worden. Het coronaverhaal is nog niet gedaan.” 

Lees ook dit artikel: https://zorgmagazine.be/digitalisering-in-de-zorg-2021-verslag/

 

Laat een commentaar na

Your email address will not be published. Required fields are marked *