Typ om te zoeken

In the spotlight Innovatie Ziekenhuizen

Plasma met antistoffen zorgt niet voor betere uitkomst voor COVID-19-patiënten

Delen

De nationale DAWn-plasmastudie, waaraan 21 Belgische centra deelnamen, onderzocht of plasma gedoneerd door herstelde COVID-19-patiënten de genezing van nieuwe patiënten kan bevorderen. Het verhoopte positieve effect werd niet gevonden: patiënten behandeld met het plasma hadden evenveel nood aan mechanische beademing en het aantal overlijdens was gelijkaardig. De resultaten werden onlangs gepubliceerd.

De plasmastudie is een van de studies van het DAWn-consortium (Donated Antibodies Working agaiNst COVID-19). Tussen mei 2020 en januari 2021 namen er bijna 500 gehospitaliseerde COVID-19-patiënten deel aan de studie. Twee derde kreeg een behandeling met convalescent plasma, dat is plasma gedoneerd door genezen patiënten met hoge concentraties antistoffen tegen het coronavirus. De overige patiënten vormden de controlegroep: zij kregen geen plasma toegediend. Het is de eerste internationale studie die zo’n grote hoeveelheid plasma met zoveel antistoffen gebruikte.

Veilig maar niet effectief

Prof. dr. Geert Meyfroidt, nationaal coördinator van de plasmastudie: “We hoopten dat de nood aan intensieve beademing en het aantal overlijdens bij COVID-19-patiënten zouden afnemen dankzij de toediening van plasma met antistoffen, en dat in een vroege fase van hun hospitalisatie. Aangezien convalescent plasma in het verleden een veelbelovend effect had bij een aantal infecties, was dat zeker een relevante onderzoeksvraag. Onze studie toont duidelijk aan dat zelfs een grote hoeveelheid plasma, met veel antistoffen, niet in staat is om de natuurlijke afweerreactie te beïnvloeden en de uitkomst voor patiënten te verbeteren.”

“Convalescent plasma toedienen is wel veilig, want we zagen geen zware nevenwerkingen. Ook al zijn deze negatieve resultaten teleurstellend in de zoektocht naar een goede behandeling van COVID-19, vanuit wetenschappelijk standpunt blijft het belangrijk dat we deze studie gecontroleerd en op grote schaal konden uitvoeren. We hebben nu een duidelijk antwoord op de onderzoeksvraag en kunnen in toekomstig onderzoek focussen op andere therapieën,” zegt professor Meyfroidt.

Grote nationale samenwerking

De studie startte binnen de twee maanden na de start van de pandemie, in de lente van 2020.

Prof. dr. Meyfroidt: “Dat we in deze vreselijke pandemie, met overbelaste ziekenhuizen, toch in staat waren om op zo’n korte tijd een brede samenwerking op te zetten tussen zoveel Belgische centra, geeft ook een signaal van hoop. Wetenschap werkt het best in samenwerkingsverband. Hopelijk kunnen we in de toekomst meer dergelijke studies doen, natuurlijk liefst met een positiever resultaat. We zijn erg dankbaar voor de samenwerking met de bloedinstellingen, het Rode Kruis Vlaanderen en Croix-Rouge, die een gigantische inspanning hebben geleverd om het plasma te verzamelen. De studie werd financieel ondersteund door het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE), dat ons enorm geholpen heeft tijdens het hele verloop.”

Lessen voor de toekomst

Prof. dr. Meyfroidt en mede-hoofdonderzoeker prof. dr. Timothy Devos werken verder samen met internationale groepen om de resultaten van verschillende plasmastudies te vergelijken. Zo hopen de onderzoekers beter te begrijpen waarom de behandeling niet het verhoopte resultaat had, wat zal helpen in de zoektocht naar nieuwe therapieën.

Lees de publicatie in de European Respiratory Journal

De plasmastudie was een samenwerking tussen UZ Leuven, Rode Kruis Vlaanderen, Croix-Rouge de Belgique, KCE, Sciensano, AZ Groeninge Kortrijk, CHC MontLégia, CHU Brugmann, CHR de la Citadelle, UMC Sint-Pieter Brussel, UZ Brussel, CHU de Liège, ZNA Stuivenberg, Centre Hospitalier de Wallonie Picarde, AZ Maria Middelares Gent, AZ Sint-Lucas Gent, Imelda Ziekenhuis Bonheiden, Sint-Trudo Ziekenhuis, AZ Sint-Vincentius Deinze, Erasmus Ziekenhuis Brussel, AZ Delta, Jolimont CHR Mons-Hainaut, Cliniques universitaires Saint-Luc, Jules Bordet Instituut en CHU Ambroise Paré, Laboratorium Klinische en Epidemiologische Virologie (Rega Instituut), Laboratorium CHU Luik, Instituut voor Tropische Geneeskunde.

Laat een commentaar na

Your email address will not be published. Required fields are marked *