Ventilatieplan moet luchtkwaliteit in Vlaamse woonzorgcentra op het gewenste niveau brengen 

Door de coronapandemie is het nog duidelijker geworden dat een goede ventilatie en verluchting een must zijn voor een gezond leefklimaat. Zeker in woonzorgcentra, waar veel kwetsbare mensen en zorgpersoneel dag en nacht verblijven. Binnen de overheid hebben het Agentschap Zorg en Gezondheid en het VIPA (Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden) een plan van aanpak ‘kwaliteitskader ventilatie’ uitgewerkt dat ondertussen werd opgenomen als project in het relanceplan Vlaamse Veerkracht. Ook het departement Omgeving is hierbij betrokken. Voor de concrete uitvoering van dit plan van aanpak op maat van de woonzorgcentra werd een werkgroep opgericht waaraan ook ZORG.tech deelneemt. Wij hadden een gesprek met de betrokkenen.  

“Vanaf het begin van de coronapandemie was het duidelijk dat er extra aandacht en ondersteuning voor een goede ventilatiepraktijk in woonzorgcentra nodig was,” zegt Ann Beusen, ingenieur-adviseur bij VIPA. “Waarom daar? Ten eerste gaat het om een specifieke setting, omdat ze zich tussen het residentiële en niet-residentiële bevinden. Bovendien is ventileren en voldoende verluchten in woonzorgcentra een bijzonder gegeven.”   

“Ook uit metingen van het Departement Omgeving, uitgevoerd in het kader van het ondersteuningstraject voor WZC van het Agentschap Zorg en Gezondheid, werd dit duidelijk”, vervolgt Beusen. “In negentien woonzorgcentra werd de hoeveelheid CO2 gemeten met sensorboxen. Die metingen maken duidelijk of er voldoende verse lucht wordt aangevoerd. Zo verzamelden we heel wat gegevens over de ventilatie in kamers, gemeenschappelijke ruimten en eetruimtes. Uit die meetresultaten bleek dat het niet altijd gemakkelijk is om voor voldoende verse lucht te zorgen. Door de kwetsbaarheid van de bewoners is het namelijk niet vanzelfsprekend om alle ramen en deuren open te zetten. Er zijn wel algemene richtlijnen over ventilatie en binnenluchtkwaliteit, maar die bleken te algemeen te zijn voor woonzorgcentra.”  

“Tijdens ons onderzoek werden woonzorgcentra op de hoogte gebracht als de CO2-waarden te hoog waren,” zegt Niels De Kempeneer, onderzoeker bij het departement Omgeving.  

Bovendien groeide het inzicht dat een slechte ventilatie een van de risicofactoren voor virusoverdracht is. Milieugezondheidskundige bij het Agentschap Zorg en Gezondheid Sara Benoy licht toe. “SARS-CoV-2 wordt ook overgedragen door de lucht, zowel op korte als op lange afstand. Modellen hebben aangetoond dat ventilatie een belangrijke rol daarin speelt. Ook de wereldgezondheidsorganisatie heeft benadrukt dat het belangrijk is om te ventileren en te verluchten.”  

Ze wijst ook op de uitbraken in verschillende woonzorgcentra tijdens de coronapandemie. “Heel wat experts zijn ervan overtuigd dat een gebrek aan ventilatie daar ook een rol in heeft gespeeld”, geeft ze aan. “Toch hadden we tot nu toe weinig of geen zicht op de specifieke situatie en noden over ventilatie en verluchting in deze voorzieningen. De meetgegevens van het departement Omgeving gaven wel al aan dat er ruimte en mogelijkheid was voor verbetering in een aantal gevallen.” 

Kwaliteitskader ventilatie  

Om de situatie in kaart te brengen en om uiteindelijk de binnenluchtkwaliteit in onze woonzorgcentra op het gewenste niveau te krijgen, werd het kwaliteitskader voor ventilatie ontwikkeld. Dat bestaat uit meerdere fases.  

Een eerste stap is het uitwerken van een kwaliteitshandboek. “De bedoeling daarvan is om uit te schrijven wat de conceptuele en operationele eisen zijn voor een goede ventilatiepraktijk in een woonzorgcentrum”, vertelt Ann Beusen. “Enerzijds is er nood aan een technische leidraad en anderzijds moeten er organisatorische richtlijnen komen voor een goed ventilatie- en verluchtingsbeleid. Dat handboek zal na de zomer beschikbaar zijn.” 

Een tweede actie in het kwaliteitskader is het uitvoeren van een ventilatiescan om de aanwezige ventilatievoorzieningen in Vlaamse woonzorgcentra in kaart te brengen. “Als eerste stap hiervoor wordt gedurende een week op het niveau van een leefgroep de situatie op vlak van ventilatie in kaart gebracht met een aantal eenvoudige CO2-metingen”, legt Sara Benoy uit. “Concreet betekent dit dat we de woonzorgcentra vragen om gedurende vijf dagen op één bepaald tijdstip een meting te doen in de gemeenschappelijke lokalen, zoals de leefruimte, de eetruimte, de badkamer, de verpleegpost en in twee bewonerskamers. In de eetruimte bijvoorbeeld wordt er dan best gemeten op het einde van het eetmoment waarop de meeste personen nog aanwezig zijn.”  

“Het onderzoek van het departement omgeving toonde aan wanneer je de hoogste CO2-waarden kan verwachten. Dat maakt het mogelijk om met een beperkt aantal metingen op die tijdstippen toch een goede inschatting te maken van de ventilatie in een woonzorgcentrum”, vertelt Niels De Kempeneer. 

Die meetweek heeft alleen betrekking op CO2. Is daar een specifieke reden voor? “CO2 is een stof die we uitademen en die wordt afgevoerd door te ventileren of te verluchten”, aldus Sara Benoy. “Als er slecht geventileerd wordt, dan kan de CO2 zich opstapelen in de binnenlucht. De hoeveelheid CO2 in de binnenlucht zegt dus iets over de mate waarin verse lucht wordt aangevoerd en CO2 en andere polluenten worden afgevoerd. CO2 is dus een snelle en gemakkelijke indicator voor ventilatie.” 

“Bijkomend voordeel is dat CO2 erg gemakkelijk, goedkoop en betrouwbaar te meten is met sensoren”, vult Niels De Kempeneer aan. 

Professionele audit 

Het scenario voor de CO2-meetweek werd uitgewerkt binnen de werkgroep en getest in een pilootproject en in een aantal woonzorgcentra waar eerder door het departement Omgeving werd gemeten. Dat maakte het mogelijk in te schatten of het scenario voor de CO2-meetweek voldoende betrouwbaar was.  

“In 27 woonzorgcentra hebben we samen met ZORG.tech en de koepels een piloot op touw gezet om te kijken of het haalbaar was voor hen om zelf CO2-metingen uit te voeren”, schetst Ann Beusen. “Daaruit bleek niet alleen dat de metingen doenlijk waren in de praktijk, maar óók dat ze als nuttig werden ervaren. Bovendien werden ze zich in de betrokken instellingen meer bewust van het belang van goed ventileren.” 

Na de meetweek moeten de woonzorgcentra de meetresultaten ingeven op een dataplatform en in een volgende fase zullen 250 centra die niet zo goed scoorden, uitgenodigd worden voor een gratis ventilatieaudit. Sara Benoy: “Het is de bedoeling dat een extern bureau een professionele doorlichting van de ventilatievoorzieningen van een woonzorgcentrum uitvoert. Zij krijgen op dat moment een aantal aanbevelingen op maat op vlak van ventilatie.” 

“De volgende stappen van het kwaliteitskader voorzien de opmaak van een ventilatieplan op maat van de voorziening en een verdere opvolging van de binnenluchtkwaliteit. Ook bij deze stappen zal de werkgroep mee invulling geven aan de concrete uitwerking,” zegt Ann Beusen. 

Dubbele rol  

ZORG.tech is ook betrokken bij het ventilatieplan. Wat is precies hun inbreng? “Mijn collega Ann en ik hebben de informatie steeds verdeeld onder onze leden via onze nieuwsbrief en via ons forum”, zegt Roger Albertijn. “Er waren ook heel wat vragen over wat een goede CO2– meter is, wat de ervaringen zijn met die meters, enzovoort. Collega’s konden hun ervaringen delen op ons forum en dat was dan weer waardevolle input voor de werkgroep.”  

“Onze rol was dubbel”, benadrukt Ann Vandycke. “Enerzijds onze leden informeren en anderzijds was het contact met de werkvloer belangrijk om tot een aanvaardbare en praktisch hanteerbare screeningtool te komen. Dit om de overlast op de werkvloer te beperken en om woonzorgcentra te stimuleren om deel te nemen aan de doorlichting. Voor beleidsmakers is het bovendien niet altijd vanzelfsprekend om te weten wat haalbaar is, wat de gangbare procedures zijn, enzovoort.”  

“Zeker voor het uitrollen van het kwaliteitshandboek is het de bedoeling om ZORG.tech te betrekken, omdat zij vanuit de praktische toepassing en de ervaring in de dagelijkse praktijk feedback kunnen geven naar het operationele en het conceptuele”, besluit Ann Beusen. “Er is enerzijds de regelgeving en anderzijds de praktijk en wat zijn handige aanbevelingen die we kunnen meegeven.” 

LEES OOK OP ZORG MAGAZINE:

Lees ook

Wil je op de hoogte blijven van het laatste zorgnieuws?

Wens je up-to-date te blijven van het laatste zorgnieuws?
Schrijf je dan hier in en ontvang 2-wekelijks onze nieuwbrief.